INLOGGEN Bel mij terug

Nieuws

Addertje onder het gras bij overstap naar goedkopere overlijdensrisicoverzekering

13-05-2013
De tarieven van overlijdensrisicodekkingen zijn historisch laag. Wie zonder meer overstapt naar een goedkopere polis, doet zichzelf echter mogelijk tekort.

Wie jaren geleden een overlijdensrisicoverzekering afsloot, zal verrast zijn bij het zien van de huidige tarieven. De premies daalden in de afgelopen tien jaar met gemiddeld 48%, volgens financieel onderzoeksbureau ?MoneyView. Het oversluiten van een dergelijke verzekering, die bij overlijden een bedrag aan bijvoorbeeld de nabestaanden uitkeert, lijkt aantrekkelijk.

Maar polishouders doen zichzelf daarbij mogelijk tekort. Bij overlijdensrisicoverzekeringen met een gelijk blijvende premiebetaling wordt namelijk ongemerkt een financiële reserve opgebouwd. De premie is in de eerste jaren namelijk te hoog ten opzichte van de sterftekans. De reserve dient om de hogere premie te financieren, die in latere jaren nodig is om het overlijdensrisico te dekken. Verzekeraars spreiden de premie doorgaans over de looptijd, zodat de klant een vast bedrag aan premie betaalt.

Onderzoek van de Boston Consultancy Groep laat zien dat de gemiddelde verzekering afgesloten voor een periode van dertig jaar in de praktijk slechts negen jaar loopt. Bijvoorbeeld omdat de hypotheek waar de polis aan is verbonden wordt afgelost. De polishouder die eerder stopt, heeft daarmee achteraf te veel voor de dekking betaald. Hij heeft in beginsel recht op de opgebouwde reserve.

Het Burgerlijk Wetboek 7:978 lid 2 verplicht verzekeraars een premievrije dekking aan vertrekkende klanten te geven als uit de opgebouwde reserve meer dan €?5.000 dekking bij overlijden kan worden gefinancierd. Maar er zijn verzekeraars die de vrijvallende gelden gebruiken om lagere premies te kunnen bieden aan nieuwe klanten. Cijfers van MoneyView laten zien dat van de 40 verzekeringen aangeboden door diverse verzekeraars, er in 27 gevallen de mogelijkheid de verzekering premievrij voort te zetten ontbreekt. Vaak zijn dit de verzekeraars met de laagste premies.

Bij onder andere Legal & General en TAF ontbreekt de mogelijkheid om de polis premievrij te laten doorlopen. ‘Omdat er geen reserve is’, legt TAF-productmanager Hans van Mourik uit. ‘Bij de vaststelling van de premies is rekening gehouden met de wetenschap dat een deel van de verzekerden de verzekering voortijdig beëindigt. Dit is in de tarieven verdisconteerd en biedt voordeel aan alle klanten die gebruikmaken van het product.’

Legal & General bood bij polissen tot oktober 2011 de mogelijkheid om deze premievrij te laten doorlopen, vertelt directeur Arno Dolders. ‘Verzekerden hadden daardoor nog een korte tijd nadat zij hadden aangegeven de verzekering te willen beëindigen toch een dekking, terwijl men daar kennelijk geen behoefte meer aan had. Vanaf die datum hebben wij ervoor gekozen om de eventuele premiereserve in te zetten voor een lagere premie.’ De verzekeraar wijst klanten erop dat er geen waarde in de polis wordt opgebouwd. Voor polishouders is echter niet duidelijk hoe de korting die verzekeraars bieden zich verhoudt tot het verlies van de premiereserve.

Woordvoerder Paul Koopman van het Verbond van Verzekeraars noemt de regels ‘multi-interpretabel’. ‘In de wet is niet exact omschreven wanneer er sprake is van premiereserve en hoe die moet worden aangewend. Het gevolg is dat maatschappijen hier verschillend mee omgaan. Het Verbond vindt de huidige situatie niet wenselijk en hoopt op korte termijn afspraken te kunnen maken over een meer eenduidige aanpak’, aldus Koopman.

Voorlopig blijft het voor klanten onmogelijk om de diverse polissen met elkaar te vergelijken. Dat benadeelt verzekeraars die wel een premievrije doorloop bieden. Sommige maatschappijen keren de premiereserve uit aan de klant. MoneyView laat zien dat een polis van Leidsche Verzekeringen op basis van uitkering van de premiereserve na negen jaar 31% goedkoper is dan een polis van de goedkoopste aanbieders die de reserve niet laten toekomen aan de klant.

Minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem vroeg, na Kamervragen eerder dit jaar, toezichthouder AFM dit te onderzoeken. ‘Wanneer er sprake is van een financieel verhoogd risico voor consumenten zullen wij zeker in actie komen’, aldus AFM-woordvoerder Marcel Proos. Volgens hem zijn er echter nog geen signalen van benadeelde consumenten.

Dat verrast financieel planner Ramón Wernsen van Persist Global Wealth Management niet. ‘De meeste consumenten zijn niet op de hoogte van de premiereserve’, zegt hij. ‘Ik vermoed dat het om honderdduizenden lopende polissen gaat, met een huidige premiereserve van gemiddeld €?400. Die valt toe aan de betrokken verzekeraars, zonder dat dat aan de klanten van tevoren voldoende duidelijk is gemaakt.’

 

Door: Cleo Scheerboom
Financieel Dagblad: maandag 13 mei 2013, 10:49